Interview Jeroen Gielen

Blik op de toekomst: in gesprek met toezichthouder Jeroen Gielen

Sinds zes maanden versterkt Jeroen Gielen de Raad van Toezicht van het SWV Helmond-Peelland PO. In het dagelijks leven geeft hij als Head of Parts Distribution Center bij DAF Trucks leiding aan een grote, complexe logistieke operatie. Een wereld die op het eerste gezicht ver van het basisonderwijs af lijkt te staan, maar schijn bedriegt. Een gesprek over zijn achtergrond, zijn eerste ervaringen binnen het samenwerkingsverband én de parallellen tussen het bedrijfsleven en inclusief onderwijs.

Jeroen, een geboren Noord-Limburger, kwam twintig jaar geleden naar Eindhoven voor zijn studie Technische Bedrijfskunde aan de TU en is er sindsdien blijven hangen. Inmiddels woont en werkt hij al geruime tijd in de Brainportregio. Samen met zijn Spaanse vrouw voedt hij hun zoontje meertalig en multicultureel op. Daarover vertelt hij: “Een internationale setting verrijkt je leven enorm. Tegelijkertijd zie ik dat de grote instroom van expats en arbeidsmigranten in deze regio vraagt om een ander soort, of extra ondersteuning. Dat kan ik vanuit mijn privésituatie heel goed plaatsen.”

Van de logistieke werkvloer naar de Raad van Toezicht

In zijn dagelijkse rol bij PACCAR Parts in Eindhoven stuurt Jeroen een operatie aan met zo’n 600 medewerkers. Wat deze werkomgeving bijzonder maakt, is dat ongeveer 70 procent van het team bestaat uit mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. “Vandaar dat ik veel ervaring heb met de vraag: hoe ga je op de werkvloer om met mensen die net wat meer begeleiding nodig hebben of die ‘net anders’ zijn?” legt Jeroen uit. “Dat vind ik heel mooi om te doen en we proberen onze aanpak continu te verbeteren. Zo zijn we ook gestart met een opleidingstraject, zodat mensen uiteindelijk kunnen doorstromen naar de reguliere arbeidsmarkt.”

Zijn passie om te kijken naar wat wél kan, bracht hem uiteindelijk bij SWV Helmond-Peelland PO. “Mijn interesse werd gewekt door de vraag hoe we mensen die niet in het ‘normale’ plaatje passen, toch het beste kunnen ondersteunen. Toen ik de vacature van het SWV voorbij zag komen, dacht ik: eigenlijk is dit in het basisonderwijs min of meer hetzelfde. Het gaat om kinderen die net wat meer ondersteuning nodig hebben. Hoe zorgen we ervoor dat zij regulier mee kunnen doen?”

Een reflectie op de eerste zes maanden

Nu Jeroen een half jaar aan boord is, kijkt hij met een positieve blik naar de organisatie. Het valt hem op dat het samenwerkingsverband scherpe en juiste prioriteiten stelt die aansluiten bij de specifieke behoeften van de regio: “Ik vind dat er een aantal goede trajecten zijn opgestart richting inclusief onderwijs. Het belangrijkste is dat je er al heel vroeg bij bent. Rondom het jonge kind lopen er nu echt mooie trajecten. Ik zie dat de organisatie van het SWV dit enorm aanjaagt en dat resulteert in goede resultaten in de regio.” Ook initiatieven zoals Samen leren in diversiteit en de nauwe verbinding tussen onderwijs en zorg kunnen op zijn complimenten rekenen: “De koers richting inclusie is duidelijk ingezet. De samenwerking tussen scholen en gemeenten is professioneel en er is een goede verbinding. Ik zie dat het goed loopt, dus daar ben ik blij mee.”

Blik op de toekomst: kansen en uitdagingen

Als toezichthouder zit Jeroen niet op de stoel van de beleidsmaker, maar kijkt hij met een constructief-kritische blik naar de effectiviteit, de doelen en de financiën van het samenwerkingsverband. Vanuit die rol ziet hij voor de komende periode nog een aantal mooie kansen en uitdagingen. De eerste kans ligt volgens hem in de overgang van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs: “Aan de voorkant en in de huidige trajecten gebeuren al hele sterke dingen, maar zodra kinderen naar het VO gaan, loopt het nog wel eens anders dan we zouden willen. Daar ligt een kans om de samenwerking met de VO-organisatie verder te versterken.”

Daarnaast brengt het nieuwe ondersteuningsplan een belangrijke cultuurverandering met zich mee, waarbij er meer verantwoordelijkheid en eigenaarschap bij de scholen zelf komt te liggen. Een beweging die Jeroen toejuicht, maar die ook vraagt om een goede balans. “Minder sturend en meer faciliterend vanuit het SWV. We moeten loslaten, maar dat moet wel hand in hand gaan met borging. Het gaat immers om kinderen voor wie het goed geregeld moet zijn. We moeten er met z’n allen op kunnen vertrouwen dat het losgelaten kán worden. Daar moet je dus hele goede afspraken over maken.”

Het ultieme einddoel

Voor Jeroen is de richting helder. Hoewel de weg naar een volledig inclusieve samenleving uitdagend is, blijft het de stip op de horizon waar iedereen samen de schouders onder moet zetten. “Voor mij betekent inclusief onderwijs dat we er alles aan doen om kinderen lokaal, dus in hun eigen woonomgeving, naar school te laten gaan. Dat daar de juiste ondersteuning beschikbaar is en dat eventuele behoeften vroegtijdig gesignaleerd worden. Ik ben ervan overtuigd dat we de beweging naar inclusie met z’n allen nog veel verder kunnen doorzetten.”